Kunstenaar, architect en vormgever Frans Van Praet (1937), met meer dan veertig jaar ervaring, brengt zijn verhaal met jeugdig enthousiasme. Hij is bekend om de interieurinrichting van het Belgisch Paviljoen op de wereldtentoonstelling in Sevilla (1992), zijn iconische Sevillazitje en zijn hommage-meubels voor namen als Magritte en Rietveld. Over een periode van 25 jaar werkte hij aan de renovatie en totale vormgeving van de kantoren van VOKA Antwerpen in de Markgravestraat. Hij integreerde er enkele glas-in-loodramen en werkte hiervoor samen met Atelier Mestdagh.
Gedurende zijn lange loopbaan verfijnde hij zijn aandacht voor sfeer, akoestiek en de ziel van ruimtes, steeds zoekend naar de balans tussen functionaliteit en poëzie. Het creatieve proces botst soms op de grenzen van materiaal, budget en verwachtingen van de klant, maar wederzijds vertrouwen vormt telkens de brug.
Voor Frans Van Praet is duurzaamheid geen modewoord, maar een fundamentele waarde: al jaren verwerkt hij gerecycleerde materialen in zijn sculpturen en ontwerpen, waardoor elk werk een tweede leven krijgt.
Doorheen vele internationale creaties in Europa behield Frans Van Praet het vermogen zich aan te passen aan veranderende tijden en trends. Samenwerking over generaties heen acht hij van grote waarde: hij werkt graag met jong talent en benut zijn brede netwerk van experts. Ook na de sluiting van zijn architectenkantoor in Antwerpen blijft hij actief, samen met zijn echtgenote Donatella, vanuit Frankrijk.
Dit interview dompelt je onder in het universum van een bevlogen architect, ontwerper en kunstenaar die met een scherpzinnige en jeugdig enthousiasme terugkijkt op decennia van scheppingsdrang. In zijn filosofie staat de mens centraal: echte ontwerpcreativiteit begint bij het begrijpen van de wensen en het wereldbeeld van de opdrachtgever.
Abstract als architecturale keuze


Er zijn ruimtes die je betreedt en meteen vergeet. En er zijn ruimtes die je bijblijven, niet omdat ze luid zijn, maar omdat ze spreken. De doordacht ontworpen kantoren van VOKA Antwerpen behoren tot die tweede categorie. Achter de geïntegreerde glas-in-loodcreaties van Van Praet schuilt een verhaal van abstractie, kleur, vakmanschap en samenwerking. Atelier Mestdagh vertaalde zijn visie naar glas en lood. Het resultaat is meer dan een decoratief element. Het is een verklaring.Wie de glas-in-loodramen van Van Praet in VOKA bekijkt, zoekt misschien naar een verhaal. Een anekdote. Een letterlijke verwijzing naar de chemische industrie die Antwerpen groot maakte, of naar de dynamiek van de Vlaamse economie. Maar Van Praet kiest bewust voor abstractie, en dat is geen toeval.
“Als je een figuratief verhaal vertelt, begrens je de toeschouwer,” legt hij uit. “Een abstract werk laat iedereen zijn eigen verhaal daarin zetten.” Die filosofie loopt als een rode draad doorheen zijn volledige oeuvre. Zijn glas-in-loodramen zijn nooit illustratief. Ze zijn uitnodigend. Ze openen een denkruimte in plaats van die te sluiten.
Voor VOKA Antwerpen, een organisatie geworteld in de chemische en economische identiteit van de regio, was dat geen beperking, maar een verrijking. De abstractie in de glas-in-loodramen draagt de identiteit van de plek zonder die vast te pinnen aan één interpretatie. Een cultuurfilosoof of een kenner zal er elementen van Kandinsky in herkennen. Een ondernemer die dagelijks de ruimte betreedt, zal er zijn eigen betekenis in vinden. En dat is precies de bedoeling.
Kleur als daad van moed
Van Praet gaat als architect in tegen de architecturale tijdgeest. Terwijl sommige jongere collega’s slechts één of twee steunkleuren, zanderige neutrale tinten, ‘natural hues’ kiezen, gaat hij resoluut voor kleur. Veel kleur. Dynamische kleur.
“Ik ben eerst kunstenaar,” zegt hij. “Daarna architect en designer.” Die volgorde is geen detail. Het verklaart waarom zijn werk afwijkt van dat van sommige andere architecten en waarom het net daardoor zo herkenbaar is.
Voor de glasramen van VOKA Antwerpen werkte hij samen met zijn echtgenote Donatella en Atelier Mestdagh om de juiste kleurstellingen te bepalen. Het proces was zorgvuldig. Elk kleuraccent werd afgewogen op de tekeningen die Van Praet had uitgewerkt. Het effect, een kleurrijke lichtstraat die de ruimte een eigen ritme en karakter geeft, is het resultaat van die minutieuze afstemming.


Het ronde raam, dat Van Praet zelf omschrijft als een ‘vliegwiel’, ankert de compositie. Het verbindt de energie van de kleuren met de architecturale structuur van de ruimte.
Licht als fundament van elk ontwerp
In al het werk van Van Praet is licht geen bijkomstigheid. Het is het uitgangspunt. “Zonder licht leeft een plant niet, leeft een mens niet,” zegt hij. “Dat is het belangrijkste.”
Die overtuiging vloeit voort uit een levenslange fascinatie. Van de spiegels die de Egyptenaren gebruikten om licht diep in de piramides te leiden, tot de grote meesters in de kunstgeschiedenis die licht als het eigenlijke onderwerp van hun werk beschouwden, Van Praet putte er zijn hele carrière uit. Licht is voor hem geen technische vereiste. Het is de reden waarom een ruimte ademt.
Glas-in-lood is daarin een uitzonderlijk medium. Het vangt licht op, filtert het, kleurt het en gooit het de ruimte in, anders ’s ochtends dan ’s middags, anders in de winter dan in de zomer. Een glas-in-loodraam is geen statisch object. Het leeft met de dag mee.
Drie iconische realisaties die zijn naam vestigden
Voor wie Van Praets parcours wil begrijpen, volstaat het niet om alleen naar zijn bekendste werk te kijken. Zijn oeuvre is breed, grensoverschrijdend en consequent gedreven door dezelfde kernwaarden: licht, materiaal, en de mens in de ruimte.
De scenografie en algemene inrichting van het Belgisch Paviljoen op de Wereldtentoonstelling in Sevilla (1992) staat tot op vandaag als een van zijn meest spraakmakende realisaties. Het paviljoen werd door de internationale pers benoemd als een van de drie beste van de 130 aanwezige landen, een erkenning die Van Praet ook internationale aandacht opleverde.
Het Sevillazitje werd geboren uit diezelfde tentoonstelling. Een zitje gegoten in kristal van Val Saint-Lambert: op het moment van de lancering iets wat, naar eigen zeggen, nog nooit eerder was gedaan. Het ontwerp evolueerde sindsdien doorheen materialen als hout, brons en beton, en woont vandaag in privécollecties wereldwijd.
Zijn hommage-meubels, opgedragen aan kunstenaars als Magritte en Rietveld, bevestigden zijn positie als ontwerper met een uitgesproken culturele dimensie. Stukken als het Ei-tafelmodel, de bi-kwadraat en het model Happy zijn geen meubels in de conventionele zin, het zijn driedimensionale standpunten over vorm, functie en geheugen.
De spiegelpaleizen: een redding van het culturele geheugen
Wanneer we hem vragen welk werk hem het meest na aan het hart ligt, aarzelt Van Praet geen seconde. Geen gebouw. Geen meubel. Het is een verhaal over redding, onderzoek en herstel.
“Wat mij persoonlijk het meest fier maakt, is het verhaal van de spiegeltenten.”
De spiegeltent was aan het begin van de jaren zeventig nagenoeg verdwenen. Op geen enkele kermis meer te bekennen. Volledig weg uit het collectieve geheugen. Van Praet stuitte er bijna toevallig op, toen hij tijdens een autorit een oud tentje zag staan langs een lastenbaan. Hij stopte. Ging kijken. En raakte gegrepen.
Wat volgde, waren weken van reizen en navragen: in gemeentehuizen, bij cafébazen, bij erfgenamen van vergeten wagenmakers. Uiteindelijk vond hij de oudste tent terug, gemaakt vlak na de Eerste Wereldoorlog door een wagenmaker uit de buurt van Westerlo, in honderd stukken verspreid in een afgedankt station aan de grens. Die nacht, tot twee uur ’s morgens, onderhandelde hij met de eigenaar. Tegen het ochtendgloren had hij de tent gekocht.
De tent, 22 meter breed en 9 meter diep, met een bronzen luster van zes meter in het midden, werd gerestaureerd en gepresenteerd op Interieur 78. Het werd een keerpunt. Hiermee vergaarde hij Europese bekendheid. In de jaren erna restaureerde hij vijf spiegeltenten. Ze reisden mee naar Berlijn en andere Europese steden. Vandaag staan deze spiegeltenten, ook een verhaal van glas en licht, verspreid over de wereld.
Waarom dit project zo diep zit? Van Praet geeft een antwoord dat klinkt als een credo: “Het verleden is de enige garantie dat er iets ernstigs gemaakt wordt voor de toekomst.”
Een samenwerking die klikte

Van Praet werkte eerder al samen met een glasatelier in Antwerpen, maar toen dat stopte, begon hij opnieuw te zoeken. Niet naar vakmanschap alleen, dat vond hij bij meerdere ateliers, maar naar een klik. Naar mensen die zijn filosofie begrepen zonder die te moeten uitleggen. Atelier Mestdagh werd hem aanbevolen via zijn netwerk. En dat klikte. Meteen.
“Dat zijn dingen die je bijna niet kunt beschrijven,” zegt Van Praet. “Dat klikt of dat klikt niet. En als dat klikt, zoek je niet verder.” Wat hem overtuigde, was niet alleen de technische kennis van het atelier, dat tachtig jaar vakkennis met zich meedraagt, maar ook de openheid. De bereidheid om zich in te leven in de visie van de kunstenaar. Om een droombeeld werkelijkheid te maken, ook wanneer dat droombeeld buiten de geijkte paden van glas-in-lood ligt.
Vakmanschap dat de toekomst draagt

Frans Van Praet blikt terug op meer dan zestig jaar ontwerpen, maar zijn blik is allesbehalve nostalgisch. Hij is gretig. Nieuwsgierig. Omringd door jongere generaties waarvan hij evenveel leert als hij hen meegeeft.
Zijn boodschap aan volgende generaties is even eenvoudig als veeleisend: “Heb respect voor materiaal.” Niet als lippendienst, maar als dagelijkse praktijk. Materiaal kennen betekent ermee werken, ernaar luisteren, begrijpen hoe het reageert op licht, op tijd, op gebruik.
En boven alles: heb respect voor de mens. De opdrachtgever. De gebruiker. De persoon die elke dag door de ruimte beweegt die jij hebt ontworpen. Als die mens, twintig jaar later, zegt dat hij een gelukkige mens is omdat hij in die ruimte woont of werkt, dan heb je iets gemaakt dat de moeite waard was.
Een ruimte die een verhaal uitnodigt
De glas-in-loodcreaties van Van Praet in de kantoren van VOKA Antwerpen zijn meer dan een samenwerking tussen een architect en een atelier. Het is een getuigenis van wat er mogelijk is wanneer kunstenaarschap, vakmanschap en vertrouwen samenkomen.
Wil je ontdekken wat glas-in-lood kan betekenen voor uw architecturaal project? Neem contact op met Atelier Mestdagh en ontdek hoe traditie en innovatie samenkomen in elk ontwerp.
Interesse in de realisatie van een glas-in-loodproject? Maak vrijblijvend een afspraak. Atelier Mestdagh werkt op maat van designers, architecten, interieurarchitecten, bouwheren … modern en klassiek.

Cookiebeleid